Steenbakkerijen

uit de KLINKER nr 3, blz 14 -15 / juni 2010

 Cees Loeve

Minstens zo grote werkgevers als de vele boeren waren de scheepswerven en Steenbakkerijen. ‘Steenplaatsen (steejnplaesse)’ of kortweg ‘plaatsen (plaesse) zoals ze in Krimpen aan den IJssel werden genoemd. Er waren er vijf. Eén stond in Stormpolder, toen nog een zelfstandige gemeente, dus in het toenmalige Krimpen waren er vier.

Overzicht van het vroegere terrein van de Koolteer. Globaal ook de plek waar de steenplaats in Stormpolder was

De steenplaats in Stormpolder wordt al in de zestiende eeuw genoemd. Ze was gelegen op de plek waar later de Teerunie (Cindu) en EMK waren. Het huidige EMK-terrein dus, op de hoek van de Sliksloot en de IJssel. De eerste ons bekende  eigenares was wed. Vonck. De laatste was J. Smit Fopsz.  Zijn weduwe verkocht het geheel in 1890 aan J. Hoeflake (of Hoevelaken) uit Hedel. Hij vroeg de gemeenteraad in 1894 goedkeuring om ter plekke een ‘fabriek ter bereiding van koolteerproducten’ te mogen stichten (de oorsprong van wat Krimpenaren ‘de Koolteer’ noemen). Ze is begonnen als een wat kleinere steenfabriek en, met veel moeite, later uitgegroeid tot een vrij grote. Bij de opmetingen in verband met het stichten van het kadaster, omstreeks 1832, was Cornelis Weggeman Guldemont samen met zijn zoon eigenaar. Cornelis was vrederechter in Ouderkerk aan den IJssel. Een vrederechter was een rechter voor kleinere zaken, die te vergelijken is met de huidige kantonrechter. In Nederland heeft deze functie slechts tussen 1811 en 1838 bestaan. Aan de buitenzijde van de dijk lag de eigenlijke fabriek met 2 steenovens. Er was ook een kleine insteekhaven vanaf de Sliksloot, met er naast een weggetje met huisjes en schuren en het veer over de Sliksloot. Cornelis had ook het ’recht van overvaart’ over de Sliksloot, dus het recht om daar een veerdienst uit te (laten) oefenen. Binnendijks was een groot droogveld.

Steenfabriek no.1
Deze steenplaats wordt al in 1556 genoemd. Ze was toen van de heren Daan Peyensz en Luyt Voppesz. De laatste eigenaren waren A.C. en later J. Mijnlieff. De plaats lag op de plek waar nu de oprit richting Algerabrug is, zowel binnen- als buitendijks. Bij het uitmeten voor het kadaster waren er 2 steenovens aan de binnenzijde van de dijk. Andere bronnen vermelden er drie, dus het was in ieder geval een vrij grote fabriek. Er hoorden ook hier weer meerdere woningen bij. Velen kennen nog de ’steenplaatshuizen’ die in 1954 moesten worden gesloopt toen het Algera-complex werd gebouwd. De woning van de directeur was het pand waar later slagerij Opschoor in was. Achter deze woning was een grote tuin met oranjerie. Van Jeveren, de stichter van onze bloemenmarkt, was hier jarenlang tuinman.

De bomen op deze foto uit ongeveer 1900 staan op de steen- fabriek. De directiewoning is nog net te zien. Later kwam hier WACO-Beton VV

Steenbakkerij op later WACO-terrein
Deze wat kleinere steenplaats was op een buitendijks terrein gevestigd en had bij de opmeting in 1832 toch twee ovens. Ze wordt voor het eerst genoemd in 1561. Was toen van ‘Symen Pietersz en vrouws kinderen’. De helft ervan verhuurden ze aan Jan Mertensz en Symen Jansz. Zowel buitendijks als binnendijks hoorden er woningen, schuren en land bij. Het laatst was deze plaats van familie Jongebreur. Er was een directiewoning op een wat verhoogd deel van het terrein. In 1918 werd het inmiddels niet meer gebruikte terrein gekocht door Betonfabriek van Waning & Co. (het latere WACO-Beton NV). Nu vind je hier onder meer de woningen aan de Van Waninglaan.   

De steenplaats Het Zandrak kijkend richting Ouderkerk. In het midden de directiewoning. Ga je nu rechts van de dijk dan kom je bij het winkelcentrum De Korf.

Steenbakkerij ’Het Zandrak’
Deze was waar nu de begraafplaats in het Boveneind ligt. Maar ze was groter en er lag ook een aanzienlijk deel aan de lJsselkant. De eerste vermelding is uit de zestiende eeuw met als eigenaar Jan Maartensz Moll. Als laatste waren dat Comelis en Dirk Hoogendijk. Er waren twee binnendijkse ovens en meerdere woningen. De woning voor de familie Hoogendijk was het buitendijkse ‘Huize Zandrak’ . Het binnendijks terrein werd in 1914 ontruimd en gedeeltelijk ingericht voor de nieuwe begraafplaats die in 1915 in gebruik werd genomen. Het buitendijks terrein kwam in gebruik bij sloperij Heuvelman. De directiewoning werd toen bewoond door meerdere gezinnen en diende ook als kantoor voor de sloperij. Nu zijn hier de nieuwe woningen aan de Aquamarijn.  

De directiewoning van de familie Weggeman Guldemont. Ze werd later nog bewoond door burgermeester Koker. Kijk ook eens aan de achterkant!

Steenplaats bij het veerpad
Ook deze was zowel binnen- als buitendijks gesitueerd. In de zestiende eeuw wordt ze wel genoemd, maar zonder namen. In 1654 wordt als eigenaar Laurens Jansz Laubaas genoemd. Latere eigenaren zijn ondermeer Jacob en Maurits Weggeman Guldemont. Er stonden in 1832 één oven aan de land- zijde en één aan de lJsselzijde van de dijk. Er is ook melding van een derde oven. De Guldemonts woonden in het fraaie pand op de hoek van de lJsseldijk met het Veerpad en de Kokerstraat. Onder de vele landerijen, schuren en woningen die zij hier bezaten hoorde ook het oudste huisje van Krimpen (IJsseldijk 206/210; gebouwd in 1663 en Rijksmonument).

Tenslotte
Een verdwenen bedrijfstak. Natuurlijk waren er ook heel wat problemen. Denk alleen maar aan de, overigens overal voorkomende, kinderarbeid. Maar een interessant bedrijf. U kunt er meer over horen en zien bij de prachtige maquette in ons Streekmuseum. En als herinnering hebben we Steenplaats als straatnaam.