Nieuwsbrief april

redactie:  Gerda van Beek – IJsseldijk 346 - 2922 BN - Krimpen aan den IJssel tel: 0180 599863  of 06 81297139 
e-mail: redactie@historischekringkrimpen.nl

KRIMPEN IN BEELD

Op 15 maart jl. sloten de gemeente Krimpen a/d IJssel en de Historische Kring Krimpen een samenwerkingsovereenkomst waarbij een gezamenlijke beeldbank wordt gecreëerd die onder de naam “Krimpen in beeld” voor iedereen toegankelijk is. In de beeldbank zijn inmiddels circa 18.000 foto’s opgeslagen. Arie Koolmees heeft voor de gemeente een groot aantal foto’s inmiddels gedigitaliseerd. Onze digitale deskundige Gerjo heeft de website gebouwd en gevuld met foto’s zowel die van de gemeente als die van de HKK. De foto’s zijn via zoekwoorden (o.a. straatnaam, bedrijfsnaam, persoonsnaam) gemakkelijk te vinden. In de overeenkomst draagt de gemeente het beheer over aan de HKK tegen een vergoeding van € 3500 per jaar. De overeenkomst geldt voor vier jaar, waarna een evaluatie volgt, die moet uitwijzen hoe het vervolg eruit zal zien.

Binnen de HKK wordt een werkgroep gevormd die aan dit beheer handen en voeten zal geven. Er zijn inmiddels een aantal mensen die zich bereid hebben verklaard hieraan mee te doen. Meer vrijwilligers zijn uiteraard welkom; meldt u zich aan bij het bestuur.


 

De Hoge Vierschaar: Smytegelt - 1759                                             (Harry Aardoom) 

Het volgende werd als een klacht ingebracht door twee predikanten bij de hoge vierschaar van Zuid-Holland op 9 April 1759 tegen “smaad” van “oeffenaars” (1*) in Krimpen aan de Lek. Het waren Philippus Jacobus Streso, predikant van Krimpen aan de Lek (2*), en proponent (predikant in opleiding) Gerhardus Johannes Scheers.

Kennelijk was er op het dorp weer eens iemand door de goegemeente van tovenarij beschuldigd. Dominee Streso had op 7 Maart 1759, een bededag, in zijn preek uitgelegd dat geloof in tovenarij een heidens bijgeloof was dat in de loop der eeuwen een hoop onnodig verdriet had veroorzaakt. Immers, Christus was toch machtiger dan alle boze geesten? Dominee steunde daarin het gedachtengoed van “de Verlichting”, verwoord door Balthasar Bekker. (5*)  : “… dewelke op den voornoemde bededag hadde bestraft en tegengesprooken de ligtgeloovigheid der ingezeetenen, met opzigt tot de onlangs verspreyde verdigtselen van Toverij op ´t gemelde dorp van Crimpen.” 

Diezelfde dag, 7 Maart 1759, werd er ´s avonds ten huize van Teunis Klein een “oeffening” (1*) gehouden.  Streso en Scheers gingen er samen naar toe. Teunis Klein was daar de voorganger. Ze merkten dat Teunis Klein er een geheel eigen bijbeluitleg op na hield, waarbij hij kritiek had op de preek die dominee Streso ´s morgens had gehouden.  Dat “… Teunis Klein niet alleen verscheyde schriftuurplaatsen op eene onverstaanbare mystike wijze behandelde, maar daarenboven goed vond den toehoorders voor te leezen een gedeelte uit den Predikatien van dominee Bernhardus Smytegelt, strekkende tot berisping der predikanten, dewelke hunne predikdienst niet volgens de mystique gedagten van gemelde Smytegelt behandelden, onder anderen bestaande in deeze woorden … “Gy zit onder de bediening, en gij zit met uw ziel … (en) als er losse verstanden op (preek)stoel zijn, dat ge, al wat ge hoort, voor waarheid aanneemt. Al koomen er dwalingen in het land, gij trekt het u niet aan, al koomen er Arminiaanen (3*) en Roëllisten (4*) en andere Verkeerde gevoelens, gij neemt het al aan.”  Waarbij Klein nog voegde Bekkerianen (5*), t welk in gemelde predikatie (van Smytegelt) niet werd gevonden.

Smytegelt hield in de door Teunis Klein geciteerde preek de mensen voor dat er door sommige domme dominees onwaarheden werden verkondigd die de toehoorders dan toch voor waar aannamen omdat dominee een gezaghebbende man was. Zelfs beweringen van Arminianen, Roëllisten en Bekkerianen werden door de hoorders geslikt voor zoete koek. Dat vonden Streso en Scheers een rotstreek van Klein. Immers, diens verhaal had kennelijk alleen tot doel om hen te beledigen: “… dat het voorleezen van het evengenoemde gedeelte …” door Klein alleen was geschied ter beschimping van (dominee!) Streso.  En dat Klein na het voorlezen daarop verder ging met:  “ … dat de Overheid veele onwettige Placaaten gaf, en de wettige die zij gaven zelf met de vinger niet aanroerden, haar vergelijkende by de Pharizeen in het Evangelium …”  

Streso en Scheers vonden dat er voor het goede doel, tegen bijgeloof, moest worden geprotesteerd. Ze beweerden dat hun bedoeling in die oefening belachelijk was gemaakt. Hun verslag werd genoteerd door secretaris Johan de Witt, voor de schepenen van de hoge vierschaar van Zuid-Holland, Jacobus van der Pot en Jonas Andries Repelaer.

Het kan geen kwaad hier enkele kanttekeningen te plaatsen:

1* “Oeffeningen” kwamen in de loop van de achttiende eeuw in gebruik. Het waren eigenlijk kerkdiensten buiten de officiële kerk om, gehouden bij burgers thuis. Er preekten ook vaak leken die er vaak een eigen bijbeluitleg op na hielden, afwijkend van die van de destijds gezaghebbende Calvinistische theologen. “Bevindelijkheid”, een subjectieve mystieke relatie met God, stond centraal, vergelijkbaar met die van “het Jansenisme” in de Katholieke kerk. Deze beweging, eigenlijk een heel democratisch verzet tegen de kerkleer van het autoritaire systeem van magistraten en predikanten, heet “de nadere reformatie”. Dominee Bernhardus Smytegelt (1665 – 1739) was een van de voorgangers van deze beweging.

Nederland is altijd een land van amateur-filosofen geweest. Vanwege ideologische geschillen werden andersdenkenden als tegenstanders behandeld. Het verhaal laat zien dat er ook rond 1750 partijen bestonden waarvan de leden elkaar probeerden onderuit te halen. Er werd zelfs door dominees een klacht ingediend bij de hoge vierschaar van Zuid-Holland. Alsof dat wat kon oplossen.

2* Philippus Jacobus Streso, geboren in 1730, was predikant in Krimpen aan de Lek van 1758 tot 1772. In 1769, pas 39 jaar oud, meldde hij dat hij door zwakte en een chronische ziekte niet meer kon preken. Hij kreeg extra geld, 250 gulden jaarlijks, om er gedurende drie jaar een proponent als assistent van te kunnen betalen. In 1772, dus pas 42 jaar oud, werd hij emeritus, werd gepensioneerd.

3* Arminianen was een andere naam voor Remonstranten. Het waren volgelingen van Jacobus Arminius (1559 – 1609). Deze stroming in de protestantse kerk in Nederland bepleitte dat mensen goede werken konden doen. Dit standpunt werd op de Generale Synode van 1619 in Dordrecht door de officiële Calvinistische kerk veroordeeld. Calvinisten beweerden immers dat mensen niet in staat zijn om goede werken te doen. Het door God geschonken heil bestaat uit louter genade.

4* Roëllisten, een andere stroming binnen de kerk, genoemd naar Herman Alexander Röell (1653 – 1718), geloofden niet dat Christus God was. Hij was een voorbeeldig mens, zoals God een mens bedoeld had. Dit werd in de bijbel als zodanig benoemd als “Gods zoon.” Jezus voorbeeld nodigt uit tot navolging.

5* Balthasar Bekker (1634 – 1698) hield in zijn boek “De betoverde wereld” een pleidooi tegen het geloof in heksen en tovenarij. Hij beweerde dat het verbranden van heksen een barbaars gebruik was. En “bezetenen” waren geestesziek, zij hadden dus recht op een humane bejegening.

Bron

Nationaal Archief, Den Haag, Rechterlijke Archieven in Zuid-Holland: Baljuw en Hoge Vierschaar van Zuid-Holland, 1574 –1811 (1813), nummer toegang 3.03.08.224, inventarisnummer 101, dd. 9 April 1759, fol. 157 verso – 158 verso.


Onlangs verscheen een boekje over de ‘Goudse Boot’. Boeiende geschiedenis en indertijd een reismogelijkheid van jewelste. Ook de aansluitingen op diensten die naar elders gingen worden vermeld.

Te bestellen voor euro 9,50 via de schrijver Han Boevé
Adres: Karel Doormanlaan 23, 2831 AJ Gouderak,  tel. 0182374147,
email:  boeve357@kpnmail.nl

 


Project De Wilgen

In een eerdere Nieuwsbrief is al aangegeven dat de Werkgroep Archeologie Krimpen (WAK) betrokken is bij de ontwikkelingen van het terrein aan de Boveneindselaan, in Krimpen beter bekend als De Wilgen. De gemeente is voornemens hier 10 kavels aan geïnteresseerden te verkopen voor het bouwen van een woning. Aangezien dit gebied ligt binnen de zone die in de Archeologische Waarden- en Beleidskaart staat aangemerkt als ‘hoogwaardig’ wordt hier een proefsleufonderzoek uitgevoerd om de archeologische en historische situatie in kaart te brengen en om te zien of er eventuele archeologische resten in de grond zitten die het behouden waard zijn. Het bijzondere aan dit onderzoek is dat de WAK zelf dit onderzoek zal gaan uitvoeren. De leden hebben inmiddels veel archeologische kennis opgedaan in de loop der jaren, door het volgen van cursussen én door het assisteren bij professionele opgravingen, waardoor de gemeente de WAK heeft verzocht dit proefsleufonderzoek uit te voeren.

Het onderzoek zal plaatsvinden in de periode 9 tot en met 13 april a.s., dus over een periode van 5 dagen. Eén en ander zal afhankelijk zijn van het weer (bij regen kan er niet worden gewerkt). Er zullen 3-4 sleuven worden gegraven, van 30 -50 meter lang, 1 meter breed en 85 cm diep (zie overzicht hierna). Er zal ‘gelaagd’ worden gegraven, zodat per laag kan worden gekeken naar de samenstelling van de grond en per laag kan worden gezocht naar sporen uit het verleden.

Gezien het toch wel bijzondere karakter van dit onderzoek kan de WAK zich voorstellen dat er belangstelling zal bestaan bij de leden van de Historische Kring Krimpen om eens te  komen kijken bij dit onderzoek. Daarom zullen er ‘s morgens (10.30 uur) en ’s middags (15.00 uur) rondleidingen worden gegeven voor geïnteresseerden. Kom gerust langs, wij vinden het leuk, en meld u aan bij het hek.